Verslag reis september 2016

Verslag reis Marga naar Tarasiki in september 2016

Op 10 september vertrek ik met het vliegtuig richting Wit-Rusland. Tijdens de reis bekijk ik
zoals gewoonlijk het tijdschrift On Air en zie tot mijn vreugde 2 tieners met Downsyndroom
die werken in een wasserette en in een restaurant. Dat was heel verrassend. Gelukkig is
er in Wit-Rusland veel aan het veranderen ten gunste van mensen met het Down-
syndroom en timmert o.a. ook de Downstichting flink aan de weg. In het eerste jaar dat ik in
WR kwam, bracht ik ook een bezoek aan Olga P., die net als ik, moeder is van een kind
met het Downsyndroom. Daarnaast heeft ze ook nog een meisje geadopteerd met het
Syndroom. Zij huurde zo’n 10 jaar geleden 2 appartementen waar ze een grote groep Downers
overdag ‘dagbesteding’ verzorgde. Ik had en heb grote bewondering voor deze
moedige vrouw die zoveel passie toonde voor deze kinderen. Toen ik deze appartementen
bezocht, hoorde ik van de aanwezige moeders diep trieste en schrijnende verhalen. Al geloof
ik zeker dat er nog heel veel winst te behalen valt voor deze kwetsbare groep mensen,
is er in de loop van de jaren toch blijkbaar langzaam aan e.e.a. aan het veranderen. Twee
jaar geleden bracht ik opnieuw een bezoek aan Olga. Ik trof haar aan op een mooie afdeling
waar van alles voor deze ‘parels’ geregeld wordt. Ook werd ik, samen met mijn tolk,
getrakteerd op een heus dans-optreden door 2 tieners in prachtige traditionele kleding,
dat gevolgd werd door “Für Elise (Beethoven) gespeeld door een van de jongens daar.
Wat een verschil met jaren geleden!!
Na een voorspoedige vlucht arriveer ik op het vliegveld, op tijd.
Ina, de tolk en tevens mijn gastvrouw sinds een aantal jaren, staat me op te wachten en
nadat ik mijn koffer opgehaald had, rijden we richting Minsk.
Aangezien Ina het helaas niet geregeld kon krijgen om vrij te nemen op maandag en ze toch les moet geven op de universiteit, komt Vladimir me ‘s morgens ophalen en rijden we
richting Dom Internaat Tarasiki. Ondanks zijn drukke werkzaamheden heeft hij toch een
dag vrij genomen om mij te vergezellen bij de activiteiten die moeten gebeuren voor het internaat.
Na de rit van ongeveer een uurtje, krijg ik, eindelijk, na de laatste bocht door het bos, het
internaat in het vizier.

De zon schijnt en de tuin ziet er fleurig uit, hier en daar lopen wat mensen heen en weer en het gehele plaatje oogt rustig. Ik constateer dat alles goed in de verf zit, dus dat is
mooi. We zetten koers naar het administratiegebouw waar we samenkomen voor een gesprek
met de directeur Viktor Tumakov, zijn rechterhand Vasili en de nieuwe hoofdverpleegkundige.

Viktor zit inmiddels in zijn reservetijd, d.w.z., officieel is hij met pensioen,
maar krijgt nu elke 3 maanden te horen of hij langer mag blijven. Spannend voor hem lijkt
me.
We bespreken allerlei zaken. Allereerst hoor ik dat Yuri, de arts, een maand eerder is overleden.
Zijn onverwachte dood was een grote schok voor de mensen die werkzaam zijn in
het internaat, omdat hij blijkbaar een zeer kundig arts bleek te zijn. Bovendien is aan artsen
heel erg moeilijk aan te komen. Niet alleen in het internaat, maar ook elders in het
land zijn maar 50% v.d. ziekenhuizen voorzien van artsen. De privé klinieken betalen immers
een hoger salaris….
Alhoewel de kans klein is dat er spoedig (of überhaupt) een nieuwe arts komt, hoop ik toch
dat er iemand zich geroepen zal voelen om op deze eigenlijk onmisbare functie af te stappen.
Viktor vertelt vervolgens dat er wel een psychiater, genaamd Sweta, parttime komt werken.
Ze is nog jong, net afgestudeerd. Ik ben benieuwd, want het blijft wennen om steeds
opnieuw een band op te bouwen met nieuw personeel. We bespreken de komende ZZG-training
waar Internaat 2 en 3 te Minsk, alsook het internaat Tarasiki aan deelnemen. Viktor
heeft toegezegd dat er 4 mensen beschikbaar zijn voor de training. Hij legt zijn vragen
daarover bij mij neer en ik zeg hem toe dat ik het door zal sluizen naar de ZZG. Door omstandigheden
van iemand van deze stichting is het voorgenomen bezoek in oktober niet
doorgegaan. Het streven is nu ergens voorjaar 2017.
Een vraag van een van onze sponsoren die tijdens een volgend bezoek aan het internaat
wat vrijwilligerswerk wil doen, wordt positief ontvangen door Viktor.
Viktor vertelt trots dat het team van Tarasiki een hoge plaats heeft behaald bij de Seni-cup,
de jaarlijkse sportwedstrijd.

Iets waar we ons een aantal jaren hard voor hebben gemaakt
en gesponsord hebben.


Het zal echter waarschijnlijk de komende jaren wel moeilijker worden om een bekwaam
team te trainen, aangezien er sinds vorig jaar de meeste jongeren onder de 40 jaar verhuisd
zijn naar andere internaten. Wel trainen af en toe nu ook wat fanatieke vrouwen mee
en wie weet….:-). Door de jaarlijkse deelname van het voetbalteam aan de Seni-cupwedstrijden,

heeft het internaat meer naamsbekendheid
gekregen en staat Tarasiki tegenwoordig ‘op de kaart’.
Ik vertel aan Viktor, dat we komend jaar (2017) tien jaar werkzaam zijn als Stichting voor
het internaat en dat ik graag een kijkje zou willen nemen bij diverse gebouwen en ruimtes.
Ook geef ik aan graag met mensen te willen spreken hoe zij de situatie nu ervaren vergeleken
met 10 jaar terug. We spreken af dat ik de dag erna een ronde doe door de gebouwen
3 en 4, de kantine en dan mensen spreek. Ook staat een bezoek aan de snoezelruimte
(opgezet door ZZG) op mijn verlanglijstje. Op mijn vraag of het goed gebruikt wordt
is het antwoord dat er zo’n 15 á 20 personen naar toe gaan. De hoofdverpleegkundige
vertelt dat alle inwoners er gebruik van maken….
Ik ben ook benieuwd naar de mensen die niet mobiel zijn en niet hun kamer uit kunnen; de
boxen met de spullen daarvoor worden ook voor hen gebruikt. Zo vertelt de hoofdverpleegkundige.
Dan bespreek ik nog het mogelijke sponsorgeld van een Stichting (Vincentius) dat vrij zou
kunnen komen voor een concreet project. Het is vooralsnog onzeker, maar niet geschoten
altijd mis. Dus de vraag is neergelegd aan Vasili om een concreet voorstel te maken. Dan
volgt een initiatief dat ze willen gaan ontwikkelen: er staat een gebouw buiten het terrein van
het internaat (vroegere varkensstal), dat ze graag zouden willen gaan inrichten om gipsen
beelden te maken. Gipsen beelden zijn in WR heel gewild en nadat het een succes
bleek te zijn bij 2 andere internaten, wil men een dergelijke werkplaats maken, compleet
met mallen e.d.. Het doel is om daar ong. 20 mannen aan het werk te zetten en vervolgens
gaan deze beelden verkocht worden. Zodoende kan hierdoor geld gegenereerd worden
voor het internaat. Ik hoor dat Anna (die nu werkzaam is in gebouw t.o.v. de administratie)
de leiding krijgt hierover. Ik begrijp later dat ze hier toch wel een beetje tegenop ziet….
Met Vasili spreek ik af dat ik samen met hem ook in het betreffende gebouw ga kijken tijdens
mijn ronde de dag erna.
Na nog e.e.a. aan kleinigheden te bespreken, krijg ik de lijst door van urgente benodigdheden.
Aangezien in het vorige bezoek al behoorlijke bestedingen zijn gedaan en de stichting
vele noodzakelijke dingen heeft gekocht, is er dit keer niet zo’n geweldig grote lijst.
Buiten de aanschaf van de benodigde zaken, is het de bedoeling dat ik dit keer de tijd en
ruimte neem om zo veel mogelijk te bekijken, gesprekken te hebben e.d.. Dat wil er nogal
eens bij in schieten als je maar een aantal dagen er bent en zoveel tijd steekt in de aanschaf
van goederen…
We sluiten het gesprek af en maken een afspraak om elkaar te zien de dag erna.
Als ik het kantoor van Viktor verlaat, maak ik van de gelegenheid gebruik om eens goed te
kijken hoe de keuken en de andere ruimtes (waar o.a.. eten wordt voorbereid etc. ) er uit
zien.

Dan herinner ik me de tijd toen we voor het eerst het internaat bezochten. Wat een
gigantisch verschil! Alles ziet er proper en verzorgd uit, ik zie o.a. de vernieuwde apparatuur
waar we als stichting aan mee gewerkt hebben. Bewoners die ingezet worden bij
werkzaamheden. Terwijl ik alles zo bekijk en blij ben met de veranderingen, dan realiseer
ik me dat de stichting Parels van Tarasiki ook zeker een bijdrage heeft geleverd aan deze
verbetering. Dankzij natuurlijk de onontbeerlijke vrijgevigheid van onze sponsoren.
Vervolgens gaan Vladimir en ik samen met de naaister en hoofd wasserette, naar de
groothandel. Daar kopen we de benodigde artikelen. Alles wordt in vele grote zakken gestopt
en uren verder gaan we richting markt.
Daar schaffen we nog wat spullen aan en de koop van een bloedcentrifuge wordt ook geregeld.


Omdat ik de dag erna weer verwacht wordt op het internaat blijf ik slapen bij Tatiana in Borisow.
Ong. 15 km van het internaat vandaan. Tatiana is een aantal jaren vrijwillig werkzaam
geweest op het internaat en heeft heel veel voor een aantal mensen daar betekend.
Zij heeft een hart van goud en een grote dosis liefde voor de parels die toentertijd vele
vruchten heeft gegeven bij de mensen daar. Zie eerdere verslagen. Ze nam zelfs ‘ hele
moeilijke’ mensen onder haar hoede, die bijv. al heel lang in de isoleercel zaten en gaf hen
met veel geduld, warme liefde een beetje meer mens-zijn (terug). Ik heb gezien dat zelfs
de meest hopeloze gevallen onder haar zorg en aandacht zichtbaar positief veranderden.
Zij was het ook, die een poos een paar keer per week naar Walera ging om voor hem te
zingen (zie kopje “ Persoonlijke Verhalen). Zij had ook zijn kamertje prachtig fleurig en
kleurig geschilderd. Helaas moest hij na een poos naar een andere kamer en is zijn kamer
opnieuw grijs geschilderd.
Na een goede nachtrust sta ik redelijk vroeg op en wacht op Ina.
Dat wachten duurt echter heel lang, ze komt duidelijk uren later aan, dan afgesproken.
Vervolgens rijden we richting het internaat. Daar ontmoeten we Vasili die ons ontvangt met
koffie en thee. We bespreken wat we gaan doen die dag en vervolgens gaan we inkopen
doen. Vasili had tegen een militair gezegd dat als we terug zouden komen, hij ons dan
moest begeleiden naar het clubgebouw. Als we terugkomen naar het internaat, staat de
militair plichtsgetrouw te wachten, maar tot onze verbazing zegt hij of we het ook zonder
hem aan kunnen, waarop we natuurlijk beamend antwoorden. We lopen richting gebouw 4
waar de vrouwen zitten en daar krijgen we nieuwe bewoonsters te spreken. De meesten
ken ik niet, ze zijn kort daarvoor of vorig jaar gekomen. Aangezien de jongere bewoners
zijn vertrokken, komen er ouderen voor terug. Het internaat gaat dus veranderen. Eerst
was het zo dat als je de 18 jarige leeftijd behaalde, je naar Tarasiki gezonden werd en
daar de rest van het leven doorbracht. Nu is de leeftijd verhoogd naar 40 jaar. Dus het is
sinds vorig jaar een internaat geworden voor oudere mensen.
Voor ons is het wel wennen, aangezien we in de loop van de tien jaar dat we hier komen
echt een band moet een aantal hadden opgebouwd. Nu zijn een grote groep vertrokken
naar andere internaten, op grote afstand van Tarasiki. Ik kan alleen maar hopen dat ze het
in hun nieuwe onderkomen naar hun zin hebben…….
Ondertussen maak ik wat foto’s en er worden ervaringen uitgewisseld van vrouwen die
sinds kort hun intrek in het internaat hebben genomen. De algehele indruk die we kregen
is er een van boosheid, onvrede en onderlinge kift.
Iemand klaagde dat ze zo graag zou willen helpen in de keuken, maar dat ze niet mag. “
Want die anderen krijgen altijd de kans en ik niet”….tja…..


Ik loop verder en zo kom ik langs de terreinen afgezet door een hoog hek. Het is er aardig
vol. Blijkbaar is het nodig dat er zoveel mensen niet vrij kunnen rondlopen. Er is een vrouwenveld
en eentje waar alleen mannen zijn. Als Ina en ik het mannenveld naderen, steelt
een man een toetje die bestemd is voor iemand anders. Hij krijgt ouderwets een pak
slaag. Diegene die de toetjes uitdeelt, ontdekt dan dat ik het geheel heb gezien en komt
verontschuldigend uitleggen het waarom. De man die zo’n zin in dat lekkers had, komt
vervolgens naar mij toe en glimlacht van oor tot oor. Ik herken hem als de man die enorm
gelukkig is met een knuffeldier. We vervolgen onze route richting clubgebouw waar we een
gesprek hebben met Svetlana.
Zij verzorgt nu de dagtherapie aldaar en de ruimte waarin ze dat doet is veranderd in een
heus klaslokaal. Svetlana legt uit dat ze ongeveer 30 mensen begeleidt, 12 personen per
dag krijgen ong. 3 uur les uit boeken. Ik krijg de verschillende lesboeken te zien. Ziet er
goed uit. Deze boeken worden gebruikt voor mensen met een IQ van ong. 70. Ze vertelt
ook dat voor haar ieder mens waardevol is.
Zo haalt ze ook een voorbeeld naar voren van een man die heel lang in de isoleercel heeft
gezeten, een fantastische atleet, en een zeer goede schrijver.
Deze man begeleidt ze persoonlijk..
Aangezien ze veel materiaal nodig heeft voor haar dagbesteding krijg ik ook van haar een
lijstje met benodigde artikelen. Ik vertel haar dat het deze keer niet meer lukt, maar dat de
eerstvolgende keer we de dagbesteding ook zullen helpen.
Na dit bezoek gaan we richting snoezelruimte, want ik ben toch wel benieuwd hoe dat
werkt.
De hoofdverpleegkundige gaat mee en blijft in de deuropening staan. Het is er ook vrij vol.
Wij nemen plaats op een van de banken en ondergaan als het ware het geheel. Er zijn 2
verpleegkundigen, waarvan we eentje niet kennen.
Om een juist beeld te krijgen wat men doet en hoe het gaat, heb ik een filmpje gemaakt.
Het is elders op de site te zien.
Ik constateer dat de nieuwe verpleegster heel enthousiast met een aantal bewoners communiceert
d.m.v. taal en acties. Ik hoor haar vaak zeggen : “ ik hou van jou”, en “ je bent
mooi”. Kortom prachtig mooie positieve woorden die een mens goed doen.
Na afloop krijg ik de kans om even met haar te praten. Ze heet Vera vertelt ze en ze gaat
2 of 3 keer per keer tijdens haar werk snoezelen met de bewoners. Aangezien ik ook benieuwd
ben naar de bewoners die niet mobiel zijn en zelfstandig hun kamer niet uit kunnen
komen. Ook zij worden door haar bezocht. Ik kan het haast niet geloven, zo mooi en
positief.


Vera is een bewogen vrouw, ze vertelt haar verhaal. Eerst heeft ze in een weeshuis gewerkt,
daarna in een school voor gehandicapten. Na deze baan volgde er een baan als
hoofdverpleegkundige in een Kindergarten. Dat was een goed betaalde baan en ze had
daar een hoge positie, zo vertelt ze.
Daarna heeft ze besloten om te stoppen met die functie om in het internaat in Tarasiki te
komen werken. Haar woorden : “ik leef voor hen en ik hou van ze allemaal!” ontroeren me
diep en ik ben enorm onder de indruk van deze krachtige en moedige vrouw!!
Het is tijd om afscheid te nemen en na elkaar omhelsd te hebben, ga ik wederom richting
clubgebouw. Onderweg zie ik in de verte Yana staan en we praten wat bij. Helaas maar
kort.

Het gaat met haar gezondheid niet goed. Ze heeft een botziekte en heeft veel pijn.
Aangezien ze geen geld heeft voor goede medische zorg, die eigenlijk onontbeerlijk is,
zorgt een bevriend echtpaar dat ze eens per jaar goede medicijnen krijgt. Het werkt enigszins
verlichtend…..tja, alle beetjes helpen.
Toch weerhoudt de vaak bijna ondraaglijke pijn haar niet om elke dag te gaan werken met
deze parels.
Maar dan moeten we gauw door om in het clubgebouw Viktor, Svetlana en een aantal verpleegkundigen
te ontmoeten, alsmede een heel aantal bewoners. Het was eigenlijk niet
mijn bedoeling om een officieel ontmoeten te krijgen en op die manier te spreken over de
afgelopen bijna 10 jaar, maar die mening werd blijkbaar niet gedeeld. Iedereen zat rond de
tafel en een paar eigengemaakte werkjes door bewoners voor Hans en mij werden gegeven.
Viktor bedankte uitvoerig voor onze inzet en sprak zijn hoop uit dat we blijven komen.
Er was Luba gevraagd om als “ afgevaardigde” uit de bewoners een officieel woordje te
spreken.
Luba bedankt Hans en mij namens de bewoners en vertelt vervolgens “ dank dat jullie
komen, zeer veel goede mensen(personeel bedoelt ze) helpen ons nu, en we geloven ook
in God.” Ze vervolgt: “ Ik geef ook een deel van mij aan God.” Ze vertelt dat ze iedere dag
met een aantal mensen naar Yana gaat(zie eerste verslag) om te bidden en de bijbel te
lezen en op TV naar programma’s te kijken over Jezus.
Dat was natuurlijk heel mooi om te horen. Tot slot vertel ik nog dat voor God we allemaal
gelijk zijn, Hij houdt van ons allemaal. We mogen dan wel uiterlijk heel verschillend zijn,
maar ons aller bloed is rood.
Na deze ontmoeting ga ik met Vasili en de tolk, de gebouwen af en hij laat me zien o.a. wat
onze stichting gekocht heeft en hoe e.e.a. ten positieve is veranderd. Per gebouw vertelt hij,
zijn er nu ook zo’n 2 tot 7 tv’s. Dus mensen hebben daar in ieder geval mogelijkheid om
hun leventje wat op te vrolijken. En passant vraagt hij of het mogelijk is om 150 stokken
voor het hele internaat te krijgen, want ze willen gordijnen op gaan hangen. In ver uit de
meeste kamers hangt niks voor de ramen. In gebouw 4 zijn er 2 deuren echt aan vervanging
toe.
Dan gaan we het terrein van het internaat af en komen zo bij een gebouwtje die ik herken
als de vroegere varkensstal. Ik neem een kijkje samen met Vasili en hij vertelt hoe ze denken
het project uit te voeren.
Dan is het tijd om de administratieve papieren in orde te brengen en na alles zorgvuldig op
papier te hebben gezet, compleet met stempel, was alles klaar.
Tijd om te vertrekken. We nemen afscheid van iedereen en dan is het moment gekomen
om het internaat weer te verlaten. Het blijft lastig om door de poort te gaan en te weten dat
je de mensen daar weer voor een bepaalde tijd moet achterlaten. Ik kan vrij vertrekken,
maar zij moeten blijven….gelukkig niet meer in zo’n slechte staat als zoveel jaren geleden.


Ina, mijn tolk en ik, stappen in de auto en we keren terug naar Minsk.
De dag erna vertrek ik ‘s ochtends vroeg naar het vliegveld, waar ik na een fijne vlucht,
weer op Nederlandse bodem aankom.